De ruïnes van creatief Amsterdam

De staat van het Stedelijk. Fotografie: Mannschaft

Van 25 tot 29 september vindt op het Amsterdamse Westergasfabriekterrein het festival Picnic plaats, een festival waar creatieve geesten in media, entertainment, kunst en wetenschap samen komen om nieuwe, grensverleggende ideeën op te doen. In de begeleidende reclamespot slalomt burgemeester Job Cohen op een eenwieler langs de grachten om de aangehechte prijsvraag, de Green Challenge te promoten: 500.000 euro voor het beste, duurzame en innovatieve businessmodel. Allround tycoon Richard Branson komt langs om nieuwe revoluties aan te kondigen en verder zal het terrein gevuld zijn met hippe gympen onder dure pakken en strenge VPRO-brillen onder asymmetrische kapsels. Binnen Nederland lijkt Amsterdam de enige aangewezen kandidaat voor een dergelijk festival. De stad geldt als het creatieve Mekka van Nederland, het Parijs van de polder waar iedereen met ook maar de geringste creatieve aanvechting naar wil ontsnappen. Amsterdam is de culturele kampioen van Nederland, maar wie daadwerkelijk iets wil bereiken, dient er juist zo ver mogelijk vandaan te blijven.

Picnic roept bezoekers op om hun ‘brein te ontkurken’. Dat klinkt lekker, maar juist in deze slogan ligt een belangrijke handicap van Amsterdam besloten: je kunt geen kroeg binnenlopen of het bedienend personeel is eigenlijk acteur, dichter, stylist of ontwerper. Maar nu even niet, want er moet ook brood op de plank komen. Volksschrijver Gerard Reve had het goed in de gaten: ‘Amsterdam is een lugubere feesttent waarop een vloek schijnt te rusten, want welk talent men ook moge hebben: wie daar blijft zitten zal nooit iets bereiken.’  De verleidingen van de grote stad hebben altijd kunstenaars en buitenbeentjes aangetrokken. Hemingway zat niet in Parijs vanwege de Tuilerieën. Het rauwe darwinisme en wulpse hedonisme van de metropool werken als een magneet op de creatieve geest. Amsterdam is daarop geen uitzondering. Geen andere stad in Nederland kan zich met droge ogen een metropool noemen. Vandaar dat Amsterdam van oudsher veruit de meeste creatieve massa heeft aangetrokken. In 2005 verschafte de zogenoemde creatieve industrie (een rekbaar begrip, maar in de meeste definities bestaat die uit de kunsten, media en entertainment en creatieve dienstverlening) werk aan ruim 31.000 mensen, meer dan twee keer zoveel als de nummers twee en drie, Utrecht en Rotterdam. Andere steden beginnen langzaam het licht te zien en lanceren koortsachtig – maar met wisselend succes – programma’s als ‘Staphorst Creative Capitol of Europe’ of ‘Rotterdam, City of Architecture’. Toch ontberen zij de recente, licht anarchistische geschiedenis van Amsterdam, die de kiem legde voor een luidruchtige, levendige underground scene waaruit de huidige culturele elite is ontsproten.

Krakers bezetten de halve binnenstad in de jaren ’70 en ’80, en injecteerden de stad met een flinke shot subculturele adrenaline. In toenmalige bolwerken als de Graansilo, Het Handelsblad en de Kalenderpanden werd voortdurend creatief gepicknickt, maar geen enkele burgemeester heeft er ooit een stap over de drempel gezet. In de jaren ’90 werden de kraakpanden met grof geweld ontruimd en nu stampt de stad de ene broedplaats na de andere uit de grond in een poging om eenzelfde creatieve bedrijvigheid van bovenaf te stimuleren – dit keer gevrijwaard van onfrisse freaks, rotte tanden en soa’s. Netjes weggeharkt naar de randen van de stad worden deze nieuwe inspiratiecentra overladen met fondsen, WiFi-netwerken en centrale verwarming, maar de kunstenaar, de maatschappelijke idioot is uit het Amsterdamse straatbeeld verdwenen.

Job Cohen zou er goed aan doen zich verre te houden van de creatieve sector, wil hij die tot volle bloei zien komen. De burgemeester, die eigenhandig ‘de boel bij elkaar’ wil houden, fungeert als een ziekelijke weekmaker voor de creatieve sector. Creativiteit valt niet in te polderen maar moet juist compromisloos, confronterend en nutteloos zijn. Teveel subsidies maken de kunstenaar lui, introvert en terughoudend om commerciële partners te zoeken. Het huidige broedplaatsenbeleid berooft de binnenstad van haar bruisende dynamiek. De kunstenaar is gedomesticeerd. Zijn werk, ooit bedoeld om de schoonheid te dienen of een spiegel voor te houden, wordt afgemeten aan doelmatigheid, politieke correctheid of groen bewustzijn.

Niet alleen de creatieve fabriekjes, maar ook de kunsthuizen hebben het moeilijk. Amsterdam zit in een museale crisis. Het Rijksmuseum wordt verbouwd en waar ooit het Stedelijk Museum stond gaapt nu een grote, stinkende wond in de culturele boezem van de stad. De collectie verhuisde naar de ruïnes van het voormalige postsorteercentrum in een andere bouwput, ditmaal naast het Centraal Station. Of de moderne kunst ooit weer terugkeert naar het Museumplein is zeer de vraag: de Commissie Sanders (ingesteld door PvdA-wethouder Hannah Belliot) stelde vier jaar geleden een nieuw nieuwbouwplan op dat vijf keer zo duur is als het oorspronkelijke ontwerp van 58 miljoen euro. Sindsdien is er niets zichtbaars gebeurd.

Ondertussen trekken talenten weg naar gemeenten waar goede werkruimte financieel nog op te brengen is, of naar creatieve centra in het buitenland. Twintig jaar geleden was de voertaal op de Amsterdamse Rietveld Academie nog Duits. Nu is spreekt de helft van de kunststudenten in Berlijn Nederlands. De uitgeverswereld is geland in Hoofddorp en Amsterdam Zuid-Oost. De meest winstgevende sector binnen de creatieve industrie, de creatieve dienstverlening, is de binnenstad uitgejaagd. Sinds eind jaren tachtig vluchtten reclamebureaus onder de druk van torenhoge huurprijzen naar Amstelveen. Internetbedrijven vochten hun weg terug omhoog nadat de dotcombubble uiteen spatte, maar voor het eerst in hun korte bestaansgeschiedenis is Amsterdam niet langer hun favoriete standplaats. De dynamiek, het arbeidsethos en de betaalbaarheid van Rotterdam genieten nu hun voorkeur. Daarnaast heeft Rotterdam de Nederlandse filmindustrie stevig in haar greep en geldt de Maasstad als hét architectuurcentrum in Nederland.

Daar waar Job Cohen en consorten zich sterk zouden moeten maken voor de stad – grote projecten als nieuwe musea, restauraties en een vriendelijk vestigingsbeleid voor de creatieve klasse – laten ze het afweten. Waar ze niets te zoeken hebben en waar de spontaniteit haar werk moet doen – in broedplaatsen, het creatieve proces, het hoofd van de kunstenaar – daar steken ze wel hun neus in.

Ook zijn de stadsbestuurders niet te beroerd om kunstuitingen voor hun politieke karretje te spannen. Burgemeester Cohen stond vooraan bij de onthulling van De Schreeuw, een monument voor Theo van Gogh, maar drinkt net zo makkelijk op kousenvoeten een kopje thee met onverdraagzame imams, want: bij elkaar houden, die boel. Zo raakt de traditionele rol van de kunstenaar als maatschappijcriticus uitgespeeld in een stad waarin tegenstellingen en conflicten worden ontkend en intolerantie wordt gedoogd. Amsterdams tolerante klimaat staat op de helling en dat moet de stad zich aantrekken, want misschien is dat het enige gebied waar de politiek de creatieve sector daadwerkelijk van dienst kan zijn. Bij de onthulling van De Schreeuw bewees Cohen op hoge toon lippendienst aan de vrijheid van meningsuiting, maar verbond daaraan geen enkele concrete maatregel. Dit is wat de (polariserende) opiniemaker Afshin Ellian  de ‘Cohenisering van het publieke debat’ noemt: de vrijwillige politieke censuur ter wille van het bewaren van de goede lieve vrede. Een doorbraak is voorlopig dus nog niet in zicht.

Dit artikel werd eerder gepubliceerd in het weekblad Opinio, 4 oktober 2007.

One Response to De ruïnes van creatief Amsterdam

  1. DJK says:

    Wat een ontzettend goed stuk ook over het gebrek aan creatieve klasse, inclusief voor/na foto’s. Zin na zin valt schel na schel van je ogen. Steengoed. En wat een futloze, sexloze, inderdaad: gedomesticeerde creativiteit. EVIL!
    IK walg er echt van, dankzij jouw newer journalism snap ik waarom ik al die muffe Wifi-plekjes met overpriced Muffins, en ook al zit het vol ik zie niks ik zie niks zo verafschuw.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s

%d bloggers like this: